Geen individuele compensatie btw-heffing voor samenwerkingsverbanden

Geen individuele compensatie btw-heffing voor samenwerkingsverbanden

Samenwerkingsverbanden Passend Onderwijs worden gecompenseerd voor de nadelen die het gevolg zijn het btw-heffing bij detachering. Dat betekent echter niet dat elk samenwerkingsverband op individueel niveau wordt gecompenseerd voor de kosten die zij maken als gevolg van btw-heffing.
Samenwerkingsverbanden ontvangen via de reguliere bekostiging een bedrag per leerling voor zware ondersteuning. Het ministerie van OCW heeft € 30 miljoen gereserveerd voor compensatie van de nadelen van de btw-heffing. Dit bedrag is generiek verdeeld over alle samenwerkingsverbanden, door het bedrag per leerling voor zware ondersteuning te verhogen. Sinds september 2022 ontvangt elk samenwerkingsverband de compensatie voor extra btw-kosten via de beschikking van DUO.
Samenwerkingsverbanden wordt aangeraden om hun manier van factureren niet aan te passen vanwege deze compensatie van btw. Er zijn meerdere manieren om btw te vermijden. Is er sprake van het in- of uitlenen van personeel, kijkt u dan per geval naar de specifieke omstandigheden.

Inspectie strenger over ontbrekende of te late VOG’s

Inspectie strenger over ontbrekende of te late VOG’s

De Inspectie van het Onderwijs gaat strenger reageren op het niet of te laat bij scholen binnenkomen van VOG’s. Dat geldt met name voor onderwijsinstellingen die voor minimaal het tweede jaar op rij een verslag van bevindingen met betrekking tot VOG’s hebben ontvangen. De inspectie meldt dat zij zich beraadt op eventuele vervolgacties indien passende maatregelen uitblijven.
Het precieze karakter van die maatregelen is (nog) niet duidelijk. De inspectie schrijft in de afhandelingsbrieven van de jaarrekening 2021 die naar de onderwijsinstellingen gaan, dat zij herstelopdrachten kan opleggen die, bij het niet nakomen hiervan, ‘kunnen leiden tot handhaving’.
De inspectie vindt dat ook in acute vervangingssituaties de veiligheid van de leerlingen voorop staat. Het is aan de scholen om de afweging te maken om een klas als gevolg van een ontbrekende VOG al dan niet naar huis te laten gaan.
Veel instellingen slagen er niet in om alle VOG’s van nieuwe medewerkers op tijd binnen te krijgen. Accountants moeten elke ontbrekende, ongeldige of niet tijdig ontvangen VOG melden aan de inspectie. Vervolgens krijgen veel po- en vo-instellingen een verslag van bevindingen waaruit dit blijkt.

Onderwijsraad kijkt naar ‘onderwijs als investering’

Onderwijsraad kijkt naar ‘onderwijs als investering’

De Onderwijsraad gaat zich in 2023 onder andere verdiepen in het onderwerp ‘onderwijs als investering’. Dit vanuit de gedachte dat bestedingen aan onderwijs investeringen zijn voor de toekomst. Leidraad daarbij is de vraag: hoe kan via de financiering van onderwijs rekening worden gehouden met de duurzame bijdrage die onderwijs levert aan de ontwikkeling van individu en maatschappij?
De Onderwijsraad, een onafhankelijk adviesorgaan voor regering en parlement, ziet een paradox. Deelname aan onderwijs, schrijft de raad, geeft opbrengsten die op lange termijn ten goede komen aan individu en maatschappij. Het individu krijgt zo de mogelijkheid succesvol deel te nemen aan de samenleving en een inkomen te vergaren. De maatschappij profiteert doordat onderwijs bijdraagt aan een goed functionerende arbeidsmarkt, de innovatiekracht van de economie, een sterke democratie, gelijke kansen en sociale cohesie. Maar: bestedingen aan onderwijs worden in de begrotings- en verantwoordingssystematiek niet op die manier bekeken. Ze worden opgenomen als kosten, wat de beeldvorming van onderwijs als kostenpost versterkt. De opbrengsten van onderwijs in brede zin vallen hierdoor buiten het blikveld van het politieke en maatschappelijke debat. Ook in de modellen waarmee het Centraal Planbureau de gevolgen van beleid doorrekent, spelen de langetermijneffecten van onderwijs maar een beperkte rol.
Het Centraal Planbureau, Sociaal en Cultureel Planbureau en Planbureau voor de Leefomgeving werken samen aan een Kernset Indicatoren Brede Welvaart. De vraag is welke bijdrage onderwijs levert aan brede welvaart. En, schrijft de Onderwijsraad, of ‘onderwijs’ alleen gaat over de schoolloopbaan, of ook over leren en ontwikkelen gedurende de professionele loopbaan? En wat is de invloed van tijdelijk versus structureel budget op de bijdrage van onderwijs aan brede welvaart?
Zo kwam de raad tot haar adviesvraag: hoe kan via de financiering van onderwijs rekening worden gehouden met de duurzame bijdrage die onderwijs levert aan de ontwikkeling van individu en maatschappij?
Het Werkprogramma van de Onderwijsraad voor 2023 is opgesteld op basis van gesprekken met de bewindslieden van OCW, leden van het parlement en betrokkenen in het onderwijsveld.

‘Passend onderwijs heeft nog te grote reserves’

‘Passend onderwijs heeft nog te grote reserves’

De regionale samenwerkingsverbanden voor passend onderwijs hadden eind 2021 samen 131 miljoen meer op de bank staan dan de bedoeling was. Dat bedrag is aan het slinken, maar minder hard dan was afgesproken: de afbouw van reserves loopt 37,5 miljoen achter op het aanvankelijke plan. Dat meldt de AOb.
Politiek Den Haag vindt dat deze reserves versneld moeten worden afgebouwd. De Inspectie van het Onderwijs stelde een ‘signaleringsgrens’ op; een bovengrens voor ‘mogelijk bovenmatige’ reserves.
Maar samenwerkingsverbanden wijzen op het lerarentekort en de extra overheidsinvesteringen in het onderwijs. Daardoor is er minder geld uitgegeven dan verwacht. Verder speelt mee dat sommige organisaties de hand op de knip houden uit angst voor toekomstige tegenvallers.

Onderwijs en kinderopvang: investeer structureel in huisvesting

Onderwijs en kinderopvang: investeer structureel in huisvesting

Het kabinet zou jaarlijks minstens €730 miljoen moeten investeren voor de aanpak van verouderde en slechte schoolgebouwen. Dat vindt een grote groep partijen uit en rond het primair- en voortgezet onderwijs en de kinderopvang. Zij hebben samen een manifest ondertekend dat het kabinet oproept om nu echt werk te maken van onderwijshuisvesting en structureel jaarlijks €730 miljoen te investeren in een integrale en programmatische aanpak van verouderde en slechte schoolgebouwen.
De partijen stellen dat dagelijks een groot deel van de 2,5 miljoen kinderen en 285.000 leraren, ondersteuners en schoolleiders in sterk verouderde, ongezonde en niet-duurzame schoolgebouwen zit. Veel gebouwen zijn volgens hen ongeschikt voor modern onderwijs. Bij veel panden dreigen de energiekosten bovendien hoog op te lopen en is een verduurzaming hard nodig.
Het manifest is ondertekend door onder andere de PO-Raad en VO-raad, De AVS, AOb, Bouwend Nederland, de Brancheorganisatie Kinderopvang en Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang, CNV Onderwijs, Ouders & Onderwijs, LAKS, het Lerarencollectief en de VNG.







VO: minder ziekteverzuim, maar men is langer ziek

VO: minder ziekteverzuim, maar men is langer ziek

Het ziekteverzuim het voortgezet onderwijs is in 2021 licht gedaald. Het verzuim van zowel onderwijsgevend personeel, directie als onderwijsondersteunend personeel daalde met 0,1%. Deze drie groepen zijn alle gemiddeld wel langer ziek.
Voion splitste de verzuimcijfers van 2021 uit naar personeels- en schoolkenmerken. De organisatie wijst er wel op dat de coronamaatregelen het lastig maken om de cijfers van 2020 en 2021 met elkaar te vergelijken.
Het rapport Verzuimcijfers VO 2021 geeft inzicht in personeels- en schoolkenmerken, zoals leeftijd, geslacht, aanstellingsomvang, denominatie, verstedelijking, schoolgrootte en schooltype.
Het ziekteverzuim van onderwijzend personeel en directie nam tussen 2020 en 2021 af van 5,4 naar 5,3%. De gemiddelde duur van het ziekteverzuim ging wel omhoog, van 17 naar 20 dagen.
Het ziekteverzuim van onderwijsondersteunend personeel slonk tussen 2020 en 2021 van 6,2 naar 6,1%. De gemiddelde duur van het ziekteverzuim bleef, net als in 2020, 53 dagen.
De verzuimcijfers per school zijn beschikbaar via de Verzuimbenchmark-VO. In de verzuimbenchmark kunnen scholen de meldingsfrequentie en het verzuimpercentage vergelijken met dat van – qua type overeenkomstige – andere scholen.