In 2022 onder de loep: gelden passend onderwijs en sombere begrotingen

In 2022 onder de loep: gelden passend onderwijs en sombere begrotingen

Het financieel toezicht zal zich in 2022 onder andere richten op de verantwoording over de besteding van gelden voor passend onderwijs, en de mogelijke oorzaken van pessimistisch begrote jaarresultaten. Dat liet de Inspectie van het Onderwijs op 26 november weten tijdens een Informatiebijeenkomst over het concept onderwijsaccountantsprotocol OCW 2021.
Sinds 2016 constateren de Algemene Rekenkamer, Onderwijsraad, Ministerie van OCW en de Inspectie van het Onderwijs al dat met de invoering van passend onderwijs de verantwoording over de besteding van onderwijsgelden niet is verbeterd. Daarom gaat de inspectie nu met behulp van een stelselonderzoek nauwer kijken naar de sturing op en de verantwoording over besteding van de middelen passend onderwijs. De resultaten van dit onderzoek worden gepubliceerd in een rapport, dat als input zal dienen voor de Staat van het Onderwijs 2024. Het tussenresultaat van dit onderzoek wordt opgenomen in de Staat van het Onderwijs 2023.
Verder wil de inspectie onderzoeken waarom bij onderwijsbesturen het daadwerkelijke resultaat van de jaarbegroting significant pessimistischer is dan het eerder in de continuïteitsparagraaf voorspelde resultaat (in alle sectoren is het financiële resultaat positiever dan eerder was voorspeld). Ook zal worden nagegaan in hoeverre dit verschijnsel heeft bijgedragen aan de toename van bovenmatig hoog eigen vermogen bij de betreffende onderwijsbesturen. Een eerdere data-analyse gaf geen antwoord op deze onderzoeksvraag.

Verantwoording OCW subsidies via Penvoerder

Verantwoording OCW subsidies via Penvoerder

Hoe verantwoord je subsidiegelden die door het ministerie van OCW aan een penvoerder zijn verstrekt?

Daarover geeft de oktober-nieuwsbrief Jaarverslaggeving van OCW enige duidelijkheid. Hieruit blijkt allereerst dat het ministerie de penvoerder integraal verantwoordelijk stelt voor uitvoering van de activiteiten en rechtmatige besteding van de subsidie.
Dit betekent dat de penvoerder naast de eigen ontvangsten en bestedingen ook alle ontvangsten en bestedingen van de deelnemende instellingen integraal verantwoordt in ‘Model G’. Een instelling die haar deel van de subsidie ontvangt via de penvoerder, verantwoordt deze echter niet in model G.

Vanwege de inrichtingsvrijheid van de administraties van instellingen kan OCW geen voorschriften geven voor hoe instellingen een en ander verwerken in hun administratie. De nieuwsbrief Jaarverslaggeving van OCW laat een paar vragen onbeantwoord. Zo wordt niet duidelijk of de penvoerder in de staat van baten en lasten alleen de baten en lasten uit de subsidiestroom van haar eigen instelling verantwoordt, of alle baten en lasten uit de subsidiestroom.
Horlings is van mening dat, aangezien het om bedragen gaat die een penvoerder ontvangt voor derden, de penvoerder alleen de eigen baten en kosten in de jaarrekening dient te verantwoorden. Hiermee wijkt de jaarrekening dus af van model G. Hoewel de penvoerder wordt aangemerkt als risicodrager, heeft hij geen recht op het economisch voordeel. Dit omdat vooraf bij de aanvraag is afgesproken welk deel zal toekomen aan de deelnemende schoolbesturen.

Omdat de baten afkomstig zijn van OCW, verantwoordt de penvoerder de baten (dus alleen met betrekking tot de eigen instelling) onder ‘3.1.2.1. Overige subsidies OCW’. Het ontvangende schoolbestuur verantwoordt de baten (ook hier dus alleen de baten van het betreffende bestuur) onder ‘3.1.2.1. Overige subsidies OCW’. Immers, de subsidiebaten zijn afkomstig van OCW en zijn vergelijkbaar met de baten die via het SWV worden ontvangen. Deze worden ook verantwoord als baten OCW.

OCW benoemt verantwoordelijkheden bij huisvesting

OCW benoemt verantwoordelijkheden bij huisvesting

Wie is precies verantwoordelijk voor welk aspect van de huisvesting? Dat wordt uiteengezet in een recente publicatie van het ministerie van OCW. Daarbij wordt uitgegaan van de huidige wetgeving.
Het uitgangspunt in de onderwijswetgeving is dat het bevoegd gezag van een school de bekostiging die het ontvangt op grond van de onderwijswetten, alleen mag besteden aan de in die wetten genoemde voorzieningen in de huisvesting. Dit betekent dat de gemeente betaalt voor nieuwbouw en uitbreiding (inclusief de eerste volledige inrichting van het gebouw), vervanging van een gebouw, of het beschikbaar stellen van een bestaand gebouw. Gemeenten zijn ook verantwoordelijk voor herstel van constructiefouten of schade aan het gebouw.
Het bevoegd gezag van een school betaalt voor de exploitatiekosten en onderhoudswerkzaamheden aan de binnen- en buitenkant van een schoolgebouw en voor technische installaties in het pand, zoals de ventilatie, koeling en verwarming.
Er zijn uitzonderingen. Bijvoorbeeld wanneer er andere afspraken zijn gemaakt met de gemeente, of als het gaat om een aaneenschakeling van werkzaamheden waarvan het eindresultaat onder de verantwoordelijkheid valt van de gemeente. Gaat het om een renovatie, dan bepalen gemeente en schoolbestuur samen wie welke kosten draagt.
De nota ‘Verantwoordelijkheidsverdeling huisvesting scholen’ is hier te vinden.

Subsidie voor taalprogramma én internationalisering

Subsidie voor taalprogramma én internationalisering

Op 1 januari 2022 start de aanvraagperiode van de subsidieregeling Tel mee met Taal. Met behulp van deze subsidie kunnen scholen laaggeletterdheid tegengaan. Zij kunnen met activiteiten bijvoorbeeld een educatief thuismilieu bevorderen, een educatief partnerschap aangaan met ouders en de (digitale) geletterdheid van ouders stimuleren.
Investeren in de (taal)vaardigheden van ouders komt ook de kinderen ten goede: een taalrijke omgeving thuis biedt hen meer kansen om zelf taalvaardiger te worden. Ook leidt het vaak tot een hogere ouderbetrokkenheid.
Scholen kunnen in 2022 subsidie krijgen voor een cursus taal, rekenen of digitale vaardigheden voor laaggeletterde ouders. Bovendien is er binnen deze regeling subsidie beschikbaar voor activiteiten die bijdragen aan het stimuleren van educatief partnerschap en het bevorderen van een educatief thuismilieu.
De subsidie is maximaal €125.000 per aanvraag en er is sprake van een eigen bijdrage. Tel mee met Taal vergoedt 67% van een cursus of overige activiteit. Aanvragen kan van 1 januari tot en met 28 februari 2022. Tel mee met Taal is een initiatief van de ministeries van OCW, BZK, SZW en VWS.

Internationalisering
Ook voor internationalisering is een subsidie beschikbaar. Hiermee kunnen scholen in het primair- en voortgezet onderwijs hun leerlingen verder voorbereiden op de internationale samenleving. Scholen kunnen nu al de subsidie Internationalisering Funderend Onderwijs aanvragen voor activiteiten in 2022. Om hiervoor in aanmerking te komen moet de internationalisering zijn verankerd in het schoolbeleid. Scholen kunnen de subsidie online aanvragen.







Maatschappelijke thema’s voor jaarverslag 2021

Maatschappelijke thema’s voor jaarverslag 2021

De maatschappelijke thema’s voor het bestuursverslag over 2021 zijn bekend. Hierin is een kleine wijziging opgenomen. Voor zowel het primair- als het voortgezet onderwijs is het thema ‘corona’ vervangen door het ‘Nationaal Programma Onderwijs’. De thema’s voor het po zijn daarmee: strategisch personeelsbeleid, passend onderwijs, allocatie van middelen, werkdruk, onderwijsachterstanden en Nationaal Programma Onderwijs.
Voor het voortgezet onderwijs zijn de nieuwe thema’s: strategisch personeelsbeleid, passend onderwijs, allocatie van middelen, toetsing en examinering, convenantsmiddelen en Nationaal Programma Onderwijs.
Bij de bestuursverslagen over 2019 werd voor het eerst gewerkt met maatschappelijke thema’s. De minister van OCW bepaalt deze thema’s jaarlijks. Het bevoegd gezag rapporteert vervolgens in het bestuursverslag hoe bij deze thema’s middelen zijn ingezet en welke resultaten hiermee zijn behaald.

Verantwoorden NPO-gelden: volgens prestatiebox SHRM

Verantwoorden NPO-gelden: volgens prestatiebox SHRM

Wat doe je aan het eind van het jaar met nog niet bestede NPO-middelen? Voeg je die aan de reserve toe, of neem je daar een balanspost voor op? De VO-raad heeft haar handreiking over de verantwoording van NPO-gelden recentelijk op dit punt aangepast.
Volgens de regels voor jaarverslaglegging moet, bij lumpsumbekostiging, de ontvangen jaarlijkse normatieve rijksbijdrage in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft, volledig worden verwerkt als bate in de staat van baten en lasten.
De NPO-middelen zijn in het vo ondergebracht binnen de beschikking prestatiebox 2021 SHRM. De verantwoording dient zich dan ook te richten naar het regime van de prestatiebox 2021. Hiervoor geldt een verantwoording op kalenderjaar.
Dit is verwerkt in de handreiking, die daarna is afgestemd met het ministerie van OCW.
De wijze van verantwoording in XBRL is ongewijzigd en hoeft niet tot op de laatste euro nauwkeurig. Met deze verantwoording maken besturen voor de maatschappij inzichtelijk hoe zij hun middelen inzetten. Deze verantwoording valt niet onder een specifieke accountantscontrole en staat uiteindelijk in redelijke verhouding tot de hoeveelheid middelen die het onderwijs tot haar beschikking krijgt.
Via deze link kunt u de handreiking downloaden.